Recensie

Share Button

Een klein kunstwerk

Pierre De Decker & Henk Hofstede – Met Nits op reis

Verhalen over plekken op de wereld waar liedjes over werden geschreven en meer.

Wie ook maar enigszins thuis is in de wereld van de Nederlandse popmuziek, kent de band The Nits (later zonder ‘The’). Wat begint in het voorkamertje bij de opa van oprichter Henk Hofstede, mondt uiteindelijk uit in een omvangrijk en veelzijdig oeuvre.

In het begin van het bestaan van de band zijn er enkele hitnoteringen (Tutti Ragazzi, In The Dutch Mountains, etc.). Echter, dit soort succes wordt zeldzamer naarmate de groep haar repertoire verbreedt en verdiept. Het leidt tot werk dat meer geschikt is voor fijnproevers. Of zoals Hofstede het zelf zegt:

“Wij rijden langs de rand, in een wat moeilijker marktsegment.”

Het kunstzinnige geluid wordt niet alleen in Nederland, maar ook ver daarbuiten opgemerkt. Zo staan Hofstede en kornuiten in juni 1982 voor vijf avonden in het voorprogramma van Marianne Faithfull in de Olympia en wordt de groep door de Franse pers omarmd.

“En plots haalden we de Franse Rolling Stone en Les Inrocks! Dat laatste blad, met een enorm afzetgebied en evenveel middelen, werd gemaakt door echte liefhebbers, freaks. Ze onderbraken een interview voor snel, tsjak-tsjak, wat foto’s buiten. Daar stond je dan, in prachtig zwart-wit, tussen Leonard Cohen en Nick Cave. Soms vroeg ik aan Richard wat hij nu precies bedoelde in zijn stuk, voor mij was het haast onleesbaar want in te moeilijk Frans.”

Ook in andere landen blijken liefhebbers te zijn. Zo gaat de reis bijvoorbeeld naar Moskou, de stad waar in die dagen in geen geval ooit een Nederlandse band is geweest. Het is in die vele buitenlandse oorden, waar uitzichten uit hotelkamers, ontmoetingen met vreemden en simpele voorwerpen, zorgen voor inspiratie. Heel veel inspiratie, zo blijkt.

“In Tartu kocht ik ook dat dominospel met die fel rood en geel gestipte lieveheersbeestjes, de hoes van dA dA dA.”

Het boek is meer dan een reisverslag. Zo vertelt Hofstede ook over het creatieve proces. Want inspiratie opdoen is één, maar het vertalen naar zang en muziek is twee. Volgens Hofstede voor een deel ongrijpbaar, moeilijk in woorden te vatten.

“Een chaos van beelden wordt, na onderzoekend schuiven met flarden tekst en muziek, uiteindelijk een wonderbaarlijk, ordelijk in mekaar gepast geheel. Het is steeds een interessant proces, maar hoe het werkt, weet ik niet.”

Al met al is het samen met de Belgische radiomaker Pierre De Decker geschreven boek, een klein kunstwerk. Ontstaan nadat Hofstede bij VRT Radio 1 een aantal verhalen kwam vertellen rond plekken op de wereld waar hij liedjes schreef. Het leverde een bundel op die in eerste instantie de indruk kan wekken op willekeurige wijze te zijn samengesteld, omdat een duidelijke structuur ontbreekt. Echter, dit onvoorspelbare past bij de carrière van Nits en leverde hen tot nu toe veel waardering op. De liefhebber zal het daarom niet deren.

Zij nog vermeld dat naast het feit dat het boek op een mooie, kunstzinnige wijze is vormgegeven, het ook hilarische verhalen bevat. Zo lezen we over het afslaan van een aanbod van niemand minder dan Leonard Cohen, een ontmoeting met Lionel Richie en dat Hofstede het nummer J.O.S. Days inzong op een wel heel vreemde plek: in een Lada die buiten de opnamelocatie stond.

“De band musiceerde samen binnen, en ik zat in die auto, met een koptelefoon, microfoon en mondharmonica. ‘Nou ja, kan wel’, besloten we na beluistering.
‘Oh! Da’s een fijne opname’, beseften we later.”

Alles bij elkaar typisch Nits: nét even anders en daardoor aantrekkelijk.

 

Pierre De Decker & Henk Hofstede – Met Nits op reis. Reisverhalen van The Nits, verteld door Henk Hofstede en opgetekend door Pierre De Decker

Uitgeverij Kdx BoOks!

Uitgave: december 2017

Druk: 1e

Pagina’s: 283

ISBN10 9080921440

ISBN13 9789080921443

Paperback € 24,95

Share Button

Wegwezen

Share Button

Ik heb een heel leuke dochter. Blije tongen beweren dat dit ook niet anders kan met zo’n vader en ik spreek dat niet tegen. Echter, het voor de helft hebben van mijn genen heeft ook een nadeel. Een kleintje maar, maar toch. Dat blijkt wel als mijn pappenheimer op de Hooigracht in Leiden tegen me zegt: ‘Ik herken ‘t hier niet meer’.

Daarna kijkt ze me hoopvol aan. Van Tom Poes wordt een list verwacht. Maar ze vraagt naar de onbekende weg, omdat ik het papiertje met het juiste adres erop in het dashboardkastje liet liggen. Dus keren we ten halve en op onze schreden terug. Wat moet je anders?

Een paar maanden geleden, waren de rollen omgedraaid. In Amersfoort zochten we naar de Stationsweg. Die vonden we, alleen moesten we in de Stationsstraat zijn. Een subtiel verschil, waar Google Maps echter geen boodschap aan had. Zodat we vijfhonderd meter te ver liepen en het daarna begon te regenen. Misschien wel tranen van God, die huilde van het lachen.

Maar in Leiden schijnt de zon. Gelukkig, ook omdat er nog tijd over is. Dus keren we welgemutst terug naar de parkeergarage. Terug naar Start, waar het vanaf de uitgang linksaf moest gaan. Niet zo’n gekke gedachte, want als je maar een genoeg aantal keren linksaf gaat kom je uiteindelijk óók in Rome terecht.

Verdwaal ik dan vaak? Nee, nooit. Maar wel rijd ik op weg naar een onbekende bestemming, altijd minstens één keer verkeerd. Zelfs met een routeplanner voor m’n snufferd. Dus kijk niet vreemd op als je me ziet rijden in de richting waar ik zojuist vandaan kwam. Maar echt verdwalen? Nee. En ik hoop dat dit nu ook bij mijn dochter het geval is.

Alsof mijn gebed wordt verhoord schreeuwt ze: ‘Ja! Hier is ‘t!’. Ze ziet plots dat het na één keer linksaf, nóg een keer linksaf moet zijn. Zo gezegd, zo gelopen en even later staan we voor het beoogde bedrijfsverzamelgebouw op de Middelstegracht. Waar nog wel een klein probleempje wacht, want wat was ook alweer het juiste nummer? Nummer 84 is er namelijk in de smaken A tot en met M. Iene miene mutte.

Als we een paar uur later thuis zijn, vraagt de net veertienjarige wat pa ervan vindt als ze komend weekend met twee even oude vriendinnen naar Amsterdam gaat. Nou, dat vindt paps niet zo’n goed idee. Hij vreest namelijk dat hij zijn erfelijk zwaar belaste wegwees, dan aan het einde van de dag moet ophalen in Appingedam, of nog erger: Rotterdam. Dat begrijpt ze direct. Haar geërfde genen hadden kennelijk al zoiets verwacht.

Share Button