Maandelijks archief: september 2013

Column

Share Button

Roze golfDe roze golf

Kleine berichtjes in de krant zijn vaak de mooiste. Ik doel dan niet op de overlijdensadvertenties. Wel op een bericht als dit: ‘Oudste Nederlander met rijbewijs is 103’. Geweldig toch? Iemand die er al was, voordat het rijbewijs het levenslicht zag.

Het kan overigens nog gekker. Aan de andere kant van de Noordzee is namelijk een rijbewijshouder van 107. En het is nog een vrouw ook. “Zeg jongens, wie is vanavond de BOB? Opoe, jij?”

Heerlijk dat ook antieke mensen nog kunnen autorijden. Al geef ik toe dat ik een kort moment zo mijn bedenkingen had. Immers, wat heerlijk is, is niet altijd verstandig. Ik denk dan in de eerste plaats – en in willekeurige volgorde – aan chocola, seks en roken. Maar ook aan autorijden op hoge leeftijd. Echter, als je even verder denkt dan de neus van je auto lang is, dan realiseer je je dat het autorijden van de 70-plusser een zegen is.

Mark Rutte moet er in ieder geval blij mee zijn. Althans, als ik – voor één keertje dan – mee ga in zijn gedachtegang. Mark en zijn trawanten streven namelijk naar een dop-je-eigen-boontjes-maatschappij. Dus een ritje naar de volkstuin door een krasse knar, om daar de te doppen boontjes te plukken, zorgt ervoor dat de grijze in zijn Golf er niet voor spek en bonen bijzit. Mark blij en da’s goed voor het land. Zegt mijn vrouw tenminste.

Zijn er nog meer voordelen? Jazeker. Want zeg nu zelf: in het verkeer omringd zijn door 70-plussers is goed voor de opbouw van je no-claim. En daarnaast, elke bejaarde, behaarde en bedaarde achter het stuur, is goed voor het humeur. Of moet jij niet lachen als je al die hoeden, petten en mutsen ziet? Nou dan. En wat te denken van de bloeddruk? Als je achter iemand zit die met een Zen-snelheid rijdt, kom je helemaal tot rust. Plus dat je dan een goede smoes hebt om ergens te laat te komen. Tel uit je winst.

Er zijn zwartrijders die argumenten aandragen tégen het verstrekken van een roze bewijs aan antiekelingen. Ze zeggen dat het zielig is voor de afgetakelden. Immers, gehinderd door reuma en vergeetachtigheid, kunnen ze nooit eens de middelvinger opsteken. Toegegeven, dat is vervelend voor de belegenen. Maar dit nadeel wordt ruimschoots gecompenseerd door het voordeel dat het er in het verkeer allemaal een stuk vriendelijker aan toe gaat. Ik zie het probleem dus niet.

Nou ja, ééntje dan. Dat komt omdat ik kinderen heb. En ik ben nu zo bang dat ik tegen de tijd dat ik zelf de leeftijd der afgeleefden heb bereikt, in een seniele bui het voorstel doe om met de hele familie gezellig een ritje te maken. Uiteraard met mij achter het stuur. En dat het nageslacht dan niet durft te weigeren omdat ik ze heb opgevoed met respect voor de ouderdom.

rijbewija

Share Button

Recensie

Share Button

De sok Cover kleinHarold S. Karstern – De sok

‘De sok’ is de tweede roman van Bavo Dhooge. Deze Belgisch prijswinnende duizendpoot (schrijver, filmmaker), die al meer dan 70 boeken en 50 verhalen op zijn naam heeft staan, heeft wederom een knap staaltje werk geleverd.

Het verhaal gaat over professor Mignolet. Hersteld van een zwaar hartinfarct is hij na vier maanden klaar om weer filosofie te doceren aan de universiteit. Maar, als deze kenner van ‘de sok van Locke’ tijdens het aankleden een prop sokken pakt, blijkt deze niet twee, maar slechts één sok te bevatten. Waar is de andere sok?

Op dat moment kon ik twee dingen doen. Ik kon het door de vingers zien, de sok weer bij zijn soortgenoten gooien en een andere prop nemen. De kans dat ook een tweede prop op niets zou uitdraaien was immers heel klein, bijna onbestaand. Ik kon ook – en dat ligt nu eenmaal in de aard van mijn karakter en beroep – voor de tweede optie gaan. Ik kon de zaak aanvechten. De hele kwestie ter discussie stellen. Je staat op, je scheert je, je doucht, je kleedt je aan, je flost en net wanneer je denkt dat je het allemaal voor mekaar hebt, blijkt dat er toch een stokje voor wordt gestoken. Of een sokje.

Wat volgt is een doldwaze tocht op jacht naar de missing sok. Het wordt een obsessie voor Mignolet, met alle gevolgen van dien. Het levert hem niet alleen gefronste wenkbrauwen op, maar ook zijn seksleven moet eraan geloven.

Ik probeerde de klus af te maken, maar ik voelde de sok als een ketting aan mijn voet. De helft van mijn libido was verdwenen!

Verschillende ingrediënten maken dat ‘De sok’ een heerlijk boek is. Karsten maakt meesterlijke vergelijkingen. Hij ziet overeenkomsten tussen yoghurt en bacteriën en tussen Wallonië en Vlaanderen, die ook altijd met z’n tweeën zijn. Verder blijft het verhaal voldoende geloofwaardig, ondanks de idiote obsessie van Mignolet. En verschillende keren laat Karsten ons geloven dat de jacht op de sok beëindigd is, terwijl hij ons in feite op een dwaalspoor zet.

De kans was niet denkbeeldig dat dit drama, dit gemis, gewoon een eendagsvlieg was. Een storm in een glas water, een mug in plaats van een olifant. Waarom zou ik de volgende ochtend niet gewoon wakker worden en geen moment meer aan de sok denken? Het kon. Er waren nog zaken die je maar één dag bezighielden. Een parkeerboete of een slechte film was je de volgende dag ook alweer vergeten. Wat maakte ik mezelf wijs? Dat het van levensbelang was om die sok weer te vinden? Jezus, ik had net een hartinfarct gehad, dát was belangrijk.

Karsten – of moeten we zeggen Dhooge? – die ooit leek voorbestemd een internationale tenniscarrière te gaan volgen, laat ons in ‘De Sok’ vrijwel alle hoeken van het literaire speelveld zien. Het is een roman met vaart, onverwachte wendingen en spanning. Een juweeltje van deze veelkunner. Van wie het volgende boek* alweer in de winkels ligt.

sterren 9

*Schaduw van de koning, uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts
gat
Share Button