Maandelijks archief: maart 2014

Column

Share Button

JoggerMesjoggen

Dat het crisis is en de bomen niet tot in de hemel groeien, dat hebben ze in mijn gemeente goed begrepen. Vandaar dat een paar maanden geleden, de partij bomen achter mijn huis flink werd uitgedund. Minder bomen, betekent minder onderhoud, dus minder kosten.

Na de slag zag het er nogal kaal uit. Maar dat kwam omdat het winter was en het uitzicht nieuw. Nu echter de knopjes uitlopen en ik aan het uitzicht gewend ben, valt het allemaal wel mee. Het is net zoals dat gaat met buurmeisjes. Zodra ze 18 zijn, zijn ze minder lelijk dan eerst.

Het voordeel van de bomensloop is een uitzicht dat wijd en zijd is. Wanneer ik op mijn balkonnetje op de eerste verdieping sta te paffen, kan ik van grote afstand zien wie er in aantocht is. En na een aantal maanden, viel me ineens iets op.

Wat ik zag was niet alleen dat de groep joggers steeds groter werd, maar ook dat een aanzienlijk deel bestond uit luitjes die behoren tot generatie X (1961-1980). Toen dat tot me doordrong, sloeg de schrik mij om het hart.

Maar waarom schrikken? Want het is toch gezond dat X eindelijk achter zijn of haar carrière vandaan komt en het uitgezakte lichaam eens écht aan het werk zet? Je zou zeggen van wel. Maar nu lees ik dat superfood toch niet zo super is als werd beweerd en dat hardloopschoenen geen blessures helpen voorkomen. Kortom, ik voel een groot jogalert aankomen.

Kijk, dat er X-en zijn die zich een paar keer per week het snot voor de ogen hijgen omdat ze coach of gymleraar zijn en nog enig gezag willen uitstralen tegenover jonkies, dat begrijp ik. Staat je sportshirt op springen vanwege een bolle buik, dan neemt natuurlijk niemand je serieus. Maar is er geen noodzaak tot hardlopen, dan doet generatie X er verstandig aan zich nog eens achter de oortjes te krabben voordat ze zich overgeeft aan dat wat sterk lijkt op een poging tot zelfmoord.

Oké, eerlijk is eerlijk. Het onderzoek naar de hardloopschoenen meldt ook dat joggers zo’n zes jaar langer leven. Maar dan wijs ik er wel direct op dat zes jaar langer leven betekent dat er zes jaar langer afval wordt geproduceerd. Slecht voor het milieu, dus slecht voor de gezondheid. En dan zijn we weer terug bij af.

Nu hoor ik in gedachten de hoon al mijn kant opkomen. Complete onzin wat die Jeroen beweert. Dat deert me echter niet omdat ik me in goed gezelschap waan van pioniers als bijvoorbeeld Semmelweis, die halverwege de negentiende eeuw zei dat handen wassen het aantal gevallen van kraamvrouwenkoorts zou terugdringen. Ook hij werd eerst uitgelachen, maar kreeg uiteindelijk wel gelijk. Dus noem mij gerust mesjogge. Dan steek ik er intussen nog eentje op. Op het balkonnetje waar ik zo’n mooi uitzicht heb.

Moe

Share Button

Recensie literatuur & lectuur

Share Button

Lachend kijken naar onszelf

 

Absurde overvloed Michael Foley CoverMichael Foley – Absurde overvloed

In dit boek gaat docent, dichter en romanschrijver Michael Foley, in op de vraag waarom het voor de westerse mens toch zo moeilijk is om gelukkig te zijn. Hij signaleert bij velen ontevredenheid en rusteloosheid, ondanks al onze overvloed. Foley vraagt zich af hoe dat kan en of er oplossingen zijn.

Voordat Foley van wal steekt, waarschuwt hij ons. Simpele antwoorden zijn er niet. Verwacht van hem dus geen stappenplan, lijstjes of andere recepten over hoe we moeten leven.

Het enige voorschrift is dat er geen voorschriften kunnen zijn. De complexiteiten van individuen en hun omstandigheden maken universele voorschriften onmogelijk. De vraag naar voorschriften is juist ook weer een teken van de tijd. Het is alleen ons ongeduldige, gulzige tijdperk dat een beknopt lijstje punten eist over hoe we moeten leven.

In plaats van streven naar geluk, zegt Foley, doen we er beter aan als we ons absurde gedrag eens onder de loep nemen. Dat is beter dan het ontkennen van problemen. Het vluchten in ‘leuke dingen’ voelt in eerste instantie misschien beter, maar is in feite slavernij.

Foley laat de valkuilen zien waarin we kunnen stappen als we onszelf bekijken. Eén van de dingen die hij noemt, is het wijzen naar de ander. De ander waar we tegenwoordig van eisen dat die ons respecteert. Gebeurt dat niet, dan voelen we ons direct beledigd.

Foley pleit er dus voor om naar onszelf kijken. Al was het maar om de invloed van de wereld op onszelf beperken. Makkelijk is dat in eerste instantie niet, zo weet Foley.

De beste weg naar het succes is dus om ons te richten op mislukking. En het zou over het algemeen beter zijn om ons te concentreren op onze tekortkomingen. Maar het is uiterst moeilijk om onszelf te zien zoals we zijn. De geest deinst net zo hard terug voor zijn eigen onbetekenendheid als voor het vooruitzicht van zijn eigen vernietiging. Er is een soort eigenzinnige, onnatuurlijke handeling, een sprong in het diepe voor nodig om te begrijpen dat ons eigen zelf een naakt, huiverend, onzeker, angstig en miezerig dingetje is. De innerlijke reus is eigenlijk een trillende dwerg, en ook nog eens een half krankzinnige, neurotische, gulzige, woedende, misvormde dwerg. Wat de ene dwerg van de andere onderscheidt, zijn de aard en de kracht van zijn vermommingen en zelfbedrog (die als uiterste taak hebben om alle ingenieuze processen van het zelfbedrog uit te wissen).

Naar jezelf kijken kan een niet al te fraai beeld opleveren. Maar, zo zegt Foley, wil je gelukkig zijn dan is dat nodig. En ook: het is de moeite waard, want in het naar jezelf kijken zit nu net het geheim van geluk.

… alles wat de moeite waard is, moeite kost, is een cruciale onthulling voor het tijdperk waarin we verwachten dat alles gemakkelijk is.

Absurde overvloed is een heerlijk boek om te lezen. Heerlijk omdat Foley openhartig vertelt over zijn eigen strubbelingen en beschikt over veel humor. Daardoor wordt de gevreesde spiegel een lachspiegel. Je kunt dan ook niet anders dan lachen als hij ons bijvoorbeeld laat zien waarom we zo nodig moeten shoppen, hoe het er bij vergaderingen aan toe gaat en hoe we verantwoordelijkheid ontlopen door er snel het label van een stoornis op te plakken (“Ik kan er niets aan doen, want ik heb X”). Langzaam maar zeker word je je ervan bewust dat het nogal absurd is zoals we ons gedragen op deze aardkloot.

Bij het schrijven putte Foley uit verschillende filosofische en psychologische bronnen. We zien denkers als Boeddha, Proust en Spinoza voorbij komen. Het hebben van kennis over deze figuren is echter niet nodig om het boek te kunnen lezen. Foley schrijft voor een breed publiek.

Het enige punt van kritiek is dat Foley soms nogal kort door de bocht gaat. Maar het lijkt er sterk op dat hij dat met opzet doet, want Foley wil ons prikkelen, ons verleiden tot nadenken. In dat geval heiligt het doel het middel.

De conclusie is dat het enerzijds moeilijk is om gelukkig te worden, anderzijds dat het eigenlijk vrij eenvoudig is. De voorwaarde is dan wel dat je kijkt in de spiegel en iedere dag de moeite neemt om dat te doen.

sterren 8

OvervloedMichael Foley – Absurde overvloed. Waarom het zo moeilijk is om gelukkig te worden

Uitgeverij: Atlas Contact

Uitgegeven: juni/juli 2012

Paperback € 24,95 / E-book €19,99

 

Het volgende boek van Michael Foley (‘Lang leve het gewone’) is inmiddels verschenen.

Share Button