Recensie Lectuur

Share Button

Haarscherpe analyse, inspirerende oproep

 

identiteit_paulverhaeghePaul Verhaeghe – Identiteit

Bij ieder mens is sprake van spanning tussen het deel willen uitmaken van grotere gehelen als gezin, buurt en samenleving en het streven naar onafhankelijkheid. De verhouding tussen die twee krachten bepaalt voor een groot deel wie wij zijn. Het vormt onze identiteit.

Net zoals dat bij een evenwichtig mens het geval is, is er in een gezonde maatschappij ook sprake van het juiste evenwicht tussen ‘wij’ en ‘ik’. Tot halverwege de jaren ‘60 lag het accent op de gemeenschap, daarna op (de bevrijding van) het individu. Het leidde uiteindelijk tot de huidige neoliberale samenleving.

Psychotherapeut Paul Verhaeghe laat zien dat de invloed van de maatschappij op het individu, groot is. Hij zegt dat onze identiteit niet zozeer wordt gevormd door het brein, maar veel meer door de omstandigheden. Omstandigheden die de laatste dertig jaar behoorlijk zijn veranderd en vooral hebben geleid tot grote eenzaamheid.

Wat is er verkeerd gegaan? Verhaeghe wijt het aan de heersende normen en waarden. Die zeggen dat je jezelf moet maken (maakbaarheid) en dat je hét moet maken, vooral in financieel en materieel opzicht. Lukt dat je niet, dan ben je een loser. Of erger: je bent ziek.

De expliciete boodschap luidt: iedereen kan perfect zijn, iedereen kan alles hebben. De impliciete boodschap voegt eraan toe: als je maar voldoende je best doet.

En daar staan we dan, aldus Verhaeghe, we genieten ons te pletter, maar niemand is tevreden. En in tegenstelling tot wat velen denken, waren we nog nooit zo onvrij, belemmerd als we worden door een berg aan bureaucratie. Zo’n beetje alles, zelfs onderwijs en zorg, zijn ondergeschikt gemaakt aan de vrije markt. Het neoliberalisme is niet langer alleen een economische theorie, maar verworden tot een veel ruimere ideologie.

Volgens Verhaeghe is het hard nodig dat het verstoorde evenwicht wordt hersteld. Niet volgens een ‘iedereen-moet-gelijk-zijn-model’ – dat werkt even negatief als een te veel aan verschil – maar allereerst door ons de fundamentele vraag te stellen: Wat heb ik echt nodig om een goed leven te kunnen uitbouwen? Een vraag die, als je ‘m even tot je laat doordringen, het antwoord al in zich heeft.

Verhaeghe is ervan overtuigd dat het herstellen van het evenwicht tussen gelijkheid en verschil, tussen gemeenschapszin en autonomie, onder andere is af te leiden uit hoe apen met elkaar omgaan. Hij refereert daarbij aan het veel geprezen werk van Frans de Waal, die laat zien dat de mens een sociaal dier is wiens evolutionaire erfenis zowel een gerichtheid op solidariteit, als op egoïsme bevat. Omgevingsfactoren bepalen wat de overhand krijgt.

De omgevingsfactoren die volgens Verhaeghe moeten veranderen zijn o.a. ons idee over groei. We moeten zo snel mogelijk het idee van kwantitatieve groei verlaten en inruilen voor kwalitatieve duurzaamheid. Dat betekent dat we de huidige arbeidsorganisatie ernstig moeten wijzigen en de economie op een andere manier moeten denken. En het individu moet in plaats van alleen maar consument, weer burger worden.

Hoe veranderen we? Daar is geen recept voor. Wel biedt Verhaeghe enkele vuistregels en maakt hij duidelijk dat het in de eerste plaats gaat om onze fundamentele waarden.

Willen we veranderen, dan zal dat niet gebeuren op grond van rationele kennis, maar via affectief beladen waarden. Niet via onze cortex, wel via het buikgevoel. Verandering moet daarbij aansluiting vinden, waarbij we de moed moeten hebben opnieuw gemeenschapswaarden naar voren te schuiven, waar ook het individu baat bij heeft.

Verhaeghe is niet de eerste (en ook niet de laatste) die grote vraagtekens zet bij het functioneren van onze maatschappij. Anderen, zoals bijvoorbeeld Dohmen, Luyten, Wijnants en De Wachter, doen dat ook. Toch spreekt zijn boek aan en is het verfrissend, omdat Verhaeghe laat zien dat ons doen en laten meer wordt bepaald door de maatschappij, dan vaak wordt gedacht.

Ook stelt Verhaeghe andere vanzelfsprekendheden ter discussie. Daarbij komt hij met overtuigende argumenten als hij beweert dat wij niet alleen ons brein zijn en dat meten lang niet altijd weten is. De kans is dan ook groot dat je tijdens het lezen veel nieuwe inzichten opdoet en dat Verhaeghe woorden geeft aan iets dat je eigenlijk allang wist, maar nog niet kon benoemen.

Heerlijk is de ironische stijl die Verhaeghe hanteert, wat hij overigens doet zonder cynisch te worden. Wel balanceert hij soms op het randje, maar wie tussen de regels doorleest, ziet dat hij dat doet om een goed tegenwicht te vormen tegen de heersende opvattingen.

Al met al is ‘Identiteit’ een uitstekend boek dat heerlijk wegleest en niet alleen tot nadenken stemt, maar ook het buikgevoel aanspreekt. Niet alleen bedoeld om onze ogen te openen, maar ook om ons te verleiden de handschoen op te nemen, zodat het evenwicht in ons en onze maatschappij, zich herstelt. Wie durft en doet mee?

sterren 10

Identiteit collage2Paul Verhaeghe – Identiteit. We genieten ons te pletter, maar niemand is tevreden

Uitgeverij De Bezige Bij

2012

Paperback € 19,90 / E-book € 14,99

Share Button

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *