Alle berichten van zijnzegje

Rupsje Mooigenoeg

2Shares
Share Button

Van de natuur houden is soms moeilijk. Zo brengt duivenpoep op je pas gewassen auto, je behoorlijk uit je humeur. En dan die irritant zoemende mug: het beest laat je midden in de nacht twijfelen aan de zin van het leven. Zelfs leden van de Partij voor de Dieren herkennen dat.

Toch valt dat allemaal nog mee. Het is maar tijdelijk. Hoe anders is het met de rups, het beestje dat zich dit jaar ontpopte als een blijvende bedreiging voor onze maatschappij. Maar liefst drie soorten (eikenprocessierups, dennenprocessierups en buxusrups) haalden het nieuws. Je zal er maar verslag van moeten doen en dan ook nog Gerri Eickhof heten.

Is de rups echt zo bedreigend? Zeker! Het leed is inmiddels al niet meer te overzien. Zo hoorde ik dat ome Ko uit Epe op een middag verdween, vlak nadat hij op zijn campingstoeltje onder een eikenboom in slaap was gevallen. En wat te denken van buxuskweker Adrie van Dun. Net als zijn 550 collega’s, moest hij er het bijltje bij neergooien (d.w.z. ná het omhakken van de dode buxussen).

En ook zelf werd ik slachtoffer. Dit nadat ik eerder dit jaar de raad van de eerder genoemde verslaggever opvolgde, om de buxus toch vooral níet met gif te bespuiten. Natuurlijk Gerri. Maar wel mooi veertig, ik herhaal: veertig strekkende meter buxus naar de gallemiezen. Fijn dat onbespoten rupsjes zo goed zijn voor de koolmeesjes. Alleen: waar waren ze toen ik ze nodig had? Ja, gevlogen.

En dat is nog niet alles, want nadat het gekrioel het buikje vol had, ging de meute op zoek naar een plek om zich te verpoppen. Zodat binnen no time de halve voordeur vol zat. Maar misschien had ik die deur dan ook niet groen moeten verven.

Intussen verwerk ik mijn verdriet, door vanaf mijn balkonnetje heel mindful te kijken naar de vele vlinders, die op en rond de toortsen van twee grote vlinderstruiken in de achtertuin, een prachtig schouwspel opvoeren. Het brengt de liefde voor de natuur langzaam maar zeker terug. En dat allemaal door beestjes die ooit rups waren.

Share Button
2Shares

Reedwielen

24Shares
Share Button

Op mijn nachtkastje ligt het boek met de titel Dingen die je alleen ziet als je er de tijd voor neemt. Ik heb het nog niet gelezen en ga het ook niet lezen. Vanwege die fietsen. Waarvan er een, ineens op het pad achter mijn zesentwintig-onder-een-kapwoning stond. Wat deed die daar? Achtergelaten door een hoogbejaarde Duitser in gewetensnood?

Het rijwiel kon natuurlijk ook van een visser zijn, want even verderop is een mooie stek. Maar een hengelaar was in geen velden of wegen te bekennen, of het moest zijn dat hij na een uurtje dobberturen in trance was geraakt en daarna in het water was gekukeld. Maar die mogelijkheid viel uiteindelijk af, omdat er geen rood witte afzetlinten of duikers van de brandweer verschenen.

Na er twee dagen te hebben gestaan, kreeg de zwarte herenfiets ineens gezelschap van een rode mountainbike. Waarop bij mij de zeven w’s, nu echt de voetjes over de bedrand gooiden: wie, wat, waar, wanneer, waarmee, op welke wijze en waarom?

Terwijl ik diep nadacht over de fietsverschijningen, gebeurde er met de fietsen zelf weinig. De plantsoenendienst maaide er keurig omheen. Het enige dat veranderde, was dat ze op dag drie niet meer als dronkenmannen rond de lantaarnpaal hingen. Een onzichtbare hand had ze rechtop gezet, zij aan zij. Daardoor veranderde de aanblik van grofvuil, naar ‘Wie neemt me mee?’

Intussen bleef ik speuren naar aanwijzingen, die meer zouden kunnen vertellen over de herkomst van de fietsen. Omdat ik daar zo druk mee was, had ik geen tijd om me te verdiepen in het nieuws, dat sprak van een naderende hittegolf en de terugkeer van Lingo.

En dat allemaal door het zien van dingen, omdat ik er de tijd voor nam. Dat er ook voor zorgde dat ik vaak moeilijk in slaap kwam. Waarbij schaapjes tellen niet hielp en dat boek lezen al helemaal niet.

 

Share Button
24Shares